Guanofabriek
Op aandrang van burgemeester de Bruïne werd in 1895 een begin gemaakt met het opspuiten en bouwrijp maken van terreinen buitendijks, voorbij de brug.
Eind negentiende eeuw werden in Nederland drie kleinschalige superfosfaatfabrieken
opgezet: in 1875 Salomonson in Capelle aan de IJssel, in 1882 Coenen en Schoenmakers
in Uden en Van Hoorn, Luitjens en Kamminga in Groningen. In 1895 werden in Zwijndrecht
de grootschaligere Internationale Guano en Superphosphaat Werken opgericht,
waar ook het zwavelzuur voor de productie zelf werd gemaakt. Besprekingen met
de in Rotterdam gevestigde Internationale Guano en Superphosfaatwerken leidden
ertoe dat in 1895 dit bedrijf te Zwijndrecht werd gevestigd. Voor de grond werd
Hfl. 75.000,- betaald.
Nadat aanvankelijk de nadruk lag op het bewerken
van uit Zuid-Amerika afkomstige guano, hield men zich later meer bezig met het
chemisch bereiden van kunstmest. Ruwe mineraalfosfaten uit onder andere Florida
en Noord-Afrika werden met vloeibaar zwavelzuur zodanig vermengd, dat een dikke
brei ontstond die onder invloed van chemische reacties tot superfosfaat werd.
Nadat deze brei gedroogd was in één van de ovens werd het product
vermalen en in zakken van honderd kilo verkocht onder de naam "Albatros". De
afzet vond plaats in geheel Europa en ook in de toenmalige koloniën.
Deze fabriek heeft gewerkt tot 1941 en werd verplaatst naar Pernis. Op het terrein
van de voormalige Guano is thans de "Chemproha" gevestigd. Door deze fabriek
ontstond er ook meer goederenvervoer. Het station stond ver weg (Pieterman).
Door bemoeiing van burgemeester de Bruïne werd een nieuw station gebouwd.

De
Vergulde Swaen