|
Actueel
adresgegevens
mededelingenkrant
persberichten
Het Museum
Het pand
Balieruimte
Exposities
Gelagkamer
Stijlkamer
Bovenzaal
Uitgaven (boeken)
Vrijwilligers
Vrienden van
Winkel
Archeologie
Werkgroep
Opgravingen
De Vergulde Swaen
Herv. kerk Heerjansdam
Pietermankerk
Slagveld
Veerplein
Genealogie Geschiedenis Zwijndrecht
Algemeen
Geschreven geschiedenis bedijking
Wapen en vlag
naam
Bedrijvigheden
Glasfabricage
Guanofabriek
Howard & Co
Jurgens & v/d Berg
Scheepswerf Kooiman
tuinderijen
Veiling
zoutbereiding
Zoutketen
Bijzondere perioden
bezettingsjaren
St. Elisabethsvloed
Doleantie
Bezettingsjaren
Watersnood 1953
Kanaal om Zwijndrecht
Dijkverhoging
Aanleg tunnel
Zwijndrechtse Nieuwlichters
Burgemeesters
Heerlijkheid Meerdervoort
Kasteel Develstein
Klooster Eemstein
Kunst
Anton Verhoeven
Willy Sluiter
Clement Bezemer
Lucien den Arend
Beeldenpark
Beeldenroute
Monumenten
Kijfhoekkerk
Oude kerk
Lindtse kerk
Pietermankerk
Raadhuis
Rotterdamseweg 38
Watertoren
Verdwenen monumenten
Boerderij Kerkstraat
Huis Nederhoven
Huis Walburg
Molens
Raadhuis Veerplein
Stadsgalg
Veerhuis
Verkeer en vervoer
Rijksweg
Spoor
Spoorbrug
RTM
Veer
Voormalige gemeenten
Meerdervoort
Heer Oudelands Ambacht
Kijfhoek
Groote Lindt
Kleine Lindt
Heerjansdam
Historische Vereniging
Lidmaatschap
Interesseavonden
Periodiek
Schenkingen
Uitgaven (boeken) (zelfde als bij Museum) Fotoarchief
Collectie Van Dam
Overige
| |
Het principe van de zoutwinning is sedert oude tijden niet gewijzigd: het ruwe zout, zeezout, voornamelijk uit de Golf van Biscaye (pas veel later ging men mijnzout als grondstof bezigen) wordt in zeewater opgelost en door langzame verdamping in vierkante pannen tot kristallisatie gebracht. Het zeewater werd, al naar gelang de ligging der zoutketen, met schuiten gehaald of direct uit zee of de zouthoudende stromen opgepompt. Zeewater werd vooral gebruikt omdat zeewaterpekel een mooier kristal en een groter volume geraffineerd zout verschafte.
De gehele zoutbereiding was uiterst primitief. Het ruwe zout werd in houten kuipen opgelost en de verkregen pekel naar de pannen gevoerd; voor de verplaatsing van de pekel - ook voor het leegpompen van de waterschuiten - werd gebruik gemaakt van paardenkracht. Wanneer de pannen gevuld waren, werd het vuur hieronder aangemaakt, waarbij men turf als brandstof bezigde, en de pekel aan de kook gebracht. Nadat er voldoende water was verdampt, werd na enige dagen het vuur onder de pannen weggenomen, en koelden de pannen af. Het zout werd daarna in manden geschept en te drogen gezet, waarna het in vaten werd overgebracht en verkocht als "wit zout". Voordat het echter verkocht werd, keurde een zoutmeter het product. De benoeming van een zoutmeter geschiedde door de eigenaar van de zoutkeet, waarna de benoemde officieel werd beëdigd.
|