raadhuis
Toen in 1930 was besloten tot het bouwen van een nieuw gemeentehuis
en het bestaande raadhuis aan het Veerplein was verkocht, werd vanaf 1 maart
1931 tijdelijk onderdak gevonden in Villa Catharina op de hoek van de Rotterdamseweg
en de Burg. de Bruïnelaan. Ook het politiebureau alsmede het post- en telegraafkantoor
vond daar tijdelijk huisvesting.
Omdat er in de villa geen ruimte was om
de raadsvergaderingen te houden, vonden deze plaats in Hotel "Het Witte
Paard" aan het Veerplein 57. De Villa werd gehuurd tot 2 april 1934.
Het nieuwe raadhuis werd ontworpen door het architectenbureau Granpré
Moliθre, Verhagen en Kok te Rotterdam. In een beknopte omschrijving schrijft
het architectenbureau over het ontwerp:
Het gebouw wendt zich naar de ruimte,
die het noordwestwaarts lopende plantsoen uit het uitbreidingsplan met de Burgemeester
de Bruïnelaan verbindt. Om een eigen sfeer te krijgen is het hoofdgebouw
door een lage voorbouw (politie) nog van de Burgemeester de Bruïnelaan
gescheiden. De smalle kop aan de Burgemeester de Bruïnelaan is als postkantoor
bestemd. Aan de nieuwe pleinruimte liggen achter het postkantoor allereerst
de secretarie met eigen ingangen voor personeel en voorts het meer representatieve
deel dat dus de afsluiting naar en van het genoemde plantsoen vormt en ook iets
hoger is dan de lange vleugel met secretarie en postkantoor. Aan de westelijke
kop is de singelaanleg tot nabij het gebouw doorgetrokken, zodat dit zeer bepaald
deze aanleg afsluit.
In het westelijkste bouwelement bevinden zich de kamers van de burgemeester, de secretaris en de wethouders, tegelijk kleine trouwkamer, voort wachtruimte, trap, portier enz.. Deze vertrekken worden vanuit de centrale hal bereikt waar ook de publieke ruimte voor de secretarie in uitmondt, echter toch geheel afzonderlijk van het overige deel der hal dat enige treden hoger ligt. Onder deze afdeling is de centrale verwarming en het archief ontworpen. Boven bevinden zich in het representatieve deel de raadzaal met publieke ruimte en de kamer van Burgemeester en Wethouders (tegelijk grote trouwkamer of feestzaal) waarmede een leeskamer is verbonden. De overige indeling volgt het systeem der constructie en bevat de ruimte voor de ontvanger en de bedrijven en voor de architect met zijn teken- en monsterkamer. Boven het postkantoor bevindt zich enige reserveruimte. Deze ruimte is te gebruiken als conciërgewoning of als vergaderruimte beschikbaar te stellen. Voor beide gevallen geeft de trap een geheel vrije toegang zodat dit deel afzonderlijk van het raadhuis kan blijven.
Wel moet deze trap altijd tegelijk als noodtrap voor het raadhuis dienst kunnen
doen. De kap wordt niet steil en de ondiepe bouw geeft een kleine zolderruimte.
Elk element, elk vertrek of elke gang heeft volop en direct licht en lucht.
Alle werklokaliteiten liggen nagenoeg op het zuiden en hebben dus zonlicht.
De bouw van het raadhuis wordt in december 1931 gegund aan de heer N. van
Deursen uit Gorinchem voor het bedrag van Hfl. 132.441,-. Op 30 april 1930 legt
burgemeester Jansen Manenschijn de eerste steen. Begin 1933 start de verhuizing,
eerst het postkantoor, dan het politiebureau en maatschappelijk hulpbetoon.
Als laatste het archief. Op 24 maart 1933 wordt het nieuwe gemeentehuis officieel
in gebruik genomen. Met het oog op de minder gunstig economische omstandigheden
bleef feestvertoon achterwege en werd alleen aan het gebouw een feestelijk karakter
gegeven.
Onder de genodigden bevonden zich onder anderen de Commissaris der Koningin, Jhr. Mr. Dr. H.A. Karnebeek, diverse burgemeesters, drie dames Pompe van Meerdervoort, de kunstschilder Willy Sluiter.
Door bemiddeling van de
directie van het Astoria-theater aan de Voorstraat in Dordrecht werd een film
van de opening gemaakt, die in plaats van de bedoelde 100 a 130 meter maar liefst
223 meter lang werd (waarvoor één gulden per meter werd betaald).
Vermoedelijk is van de opening ook een filmpje in het Polygoon-bioscoopjournaal
vertoond.
Aan de buitenkant van een gebouw van het in de arm genomen
architectenbureau, en met name de ontwerpen van Granpré Moliθre, is te
zien wat voor functie het heeft. Dat geldt ook voor dit gemeentehuis: het oogt
degelijk en betrouwbaar, duidelijk een overheidsgebouw. Waar de burgemeester
werkt, zie je goed door de uitbouw bij zijn kamer. De raadzaal is makkelijk
te vinden.
Ook is er gebruik gemaakt van symboliek. Zo zijn de deuren van de raadzaal groter dan die van de collegekamer, ernaast (indertijd). De vloer van de gang naar de collegeleden ligt twee treden hoger dan de vloer van de werkvertrekken.
Het gemeentehuis is opgetrokken uit warme donkerbruine bakstenen,
gecombineerd met travertiner en tufsteen. Voor de inrichting ontwierp de
architect meubelen die pasten bij het gebouw. (Daarvan zijn er hedentendage
nog maar bedroevend weinig over: enkele tafels in de gang en mogelijk een zestal
stoelen uit de raadzaal.) De verlichtingsornamenten werden geleverd door de
firma Gispen.
Dat het nieuwe gemeentehuis waarlijk een huis der gemeente
was, bleek uit de geschenken:
In de raadzaal:
Een met de hand geweven
wandkleed door wijlen J.A. Stoop van Zwijndrecht
De tafel met zetels voor
B&W door Jhr. Mr. E.F.M.J. Michiels van Verduijnen te ´s Gravenhage
Een handgeknoopt tapijt door het Comité uit de Burgerij
Drie elektrische
lampen door de N.V. Mij. Tot Expl. Der Vereenigde Oliefabrieken
Twee glas-in-loodramen
door N.V. Zoutziederij v/h J. de Bondt te Zwijndrecht
De elektrische klok
door C.P. Schepers
Een wandbord van delfts blauw door Het Groene Kruis,
afd. Zwijndrecht
Twee glas-in-loodramen door burgemeester Jansen Manenschijn,
wethouders Horsman en Reijers en gemeentesecretaris van der Veen
Twee glas-in-loodramen
door de gemeenteraad
Twee glas-in-loodramen door het administratief-, technisch-,
onderwijzend- en politiepersoneel der gemeente
Twee glas-in-loodramen op
de publieke tribune door G.J. Dozy te Scheveningen
In het trappenhuis:
Glas-in-loodramen door N.V. Vereenigde Chemische Fabrieken te Zwijndrecht
In de burgemeesterskamer:
Een elektrische lamp en een wandklok door N.V.
Oliefabriek "Schiedam" te Zwijndrecht
En verder:
Een houtsnede
van D. Nijland "Gezicht op de Oude Maas" door enige nakomelingen van
wijlen A.J. Pompe van Meerdervoort
Het kroningsschilderij van H.M. de Koningin
door Ds. Rolloos en echtgenote
Een aquarel van A. Middelhoek "Oud
Zwijndrecht" door A. Middelhoek
Schilderstuk van A. Middelhoek te
Lonneker "het begin van de geordende samenleving" door de maker
Een "stilleven" van M.L. Middelhoek te Brielle door de maker
Een olieverfschilderij van Willy Sluiter te ´s Gravenhage "Gezicht
op de Maas" door Willy Sluiter
De elektrische klok tegen de voorgevel
van het raadhuis en de zilveren ambtsketen voor de burgemeester, uit het Comité
uit de Burgerij
De voorzittershamer van coromandelhout met zilverbeslag
door Mr. J. Salomonson te Dordrecht
De presentielijst voor vergaderingen
van de gemeenteraad, in leder gebonden, door N.V. N. Samsom te Alphen a/d Rijn
Een gebeeldhouwde kaartenbak van S. Middelhoek te Brielle door de maker
Gebeeldhouwde houten tafelen met symbolische voorstelling door de Vereniging
voor Chr. Volksonderwijs en voor Chr. Onderwijs en Opvoeding te Zwijndrecht
Een gedenkboek met luxe lederen band door J. Struijk
Drie grote vazen
uit hardgebakken tegelmateriaal door de Chamotte Unie te Geldermalsen.
Door
de heer G. Los Gzn. werden tien goudenregenbomen en tien prunus pisandiebomen
geschonken om te planten nabij het nieuwe raadhuis.
Na de opening wordt
de volgende dag het gemeentehuis opengesteld ter bezichtiging, kosteloos voor
hen die iets hadden geschonken, 25 cent voor de overige ingezetenen, waarvan
de opbrengst ging naar het crisiscomité. Er waren bijna vierhonderd bezoekers.
In 1949 vertrekt de bode-conciërge uit de dienstwoning in het gemeentehuis,
waardoor deze vrijkomt voor extra ruimte voor politie en secretarie. Halverwege
de jaren zestig vertrok het postkantoor uit het gemeentehuis, en verhuisde naar
een groter, eigen gebouw aan de Koninginneweg.
In 1969 was het raadhuis uitgebreid met een Burgerzaal (waarbij tevens een prachtige binnentuin werd gerealiseerd), en tevens was een nieuw politiebureau gebouwd. Hoewel het oorspronkelijk de bedoeling was dit politiebureau te combineren met een brandweerkazerne, wordt later toch besloten een aparte kazerne te bouwen. Deze verrijst op het terrein dat omsloten wordt door de Westelijke Parallelweg, Koninginneweg, Antoni van Leeuwenhoekstraat en da Costastraat.
Bij de uitbreiding met het nieuwe gedeelte
sprong vooral de Burgerzaal in het oog. Deze zaal, waarin tweehonderd mensen
konden, had een geknikte glaswand aan de buitenzijde en was binnen samengesteld
uit vele natuurproducten uit landen over heel de wereld. De glaswand kwam uit
België, voor het eveneens geknikte plafond, dat met die glaswand zorgde
voor "ruimtelijke bewogenheid en akoestische kwaliteit", moesten enkele
cederbomen in West-Canada worden gehakt. In het wandkleed is katoen en touw
uit verschillende landen verwerkt. De vloertegels waren afkomstig uit Oost-Frankrijk,
de wandbetimmering van wegné uit Equatoriaal Afrika, en de donkergrijze
wand bestond uit Italiaanse steentjes. Het vloerkleed voor in de zaal was gemaakt
van de vachten van marokkaanse schapen.
het beeld 2.2.3.D. van Lucien den Arend werd in 1985 ter gelegenheid van de nieuwbouw op de hoek van de Burgemeester de Bruïnelaan.
Tijdens het bezoek van koningin Juliana in 1970 merkte zij op dat de publieke
tribune in de raadzaal "meer open" moest zijn, conform haar idee dat
de burger meer zicht moest hebben op het handelen door de overheid. De tribune
werd dus aangepast.
In 1985 werd de eerste steen gelegd voor de bouw
van een nieuwe vleugel aan de Burgemeester de Bruïnelaan, waarvoor zes
huizen waren gesloopt. Dit gedeelte detoneerde heftig met het bouwwerk uit 1933.
De hoofdingang werd verplaatst van het Raadhuisplein naar de Bruïnelaan.
Inmiddels zijn er plannen deze vleugel te slopen, het originele gedelete te restaureren en een nieuw gedeelte in stijl bij te bouwen.
De
Vergulde Swaen