|
Actueel
adresgegevens
mededelingenkrant
persberichten
Het Museum
Het pand
Balieruimte
Exposities
Gelagkamer
Stijlkamer
Bovenzaal
Uitgaven (boeken)
Vrijwilligers
Vrienden van
Winkel
Archeologie
Werkgroep
Opgravingen
De Vergulde Swaen
Herv. kerk Heerjansdam
Pietermankerk
Slagveld
Veerplein
Genealogie Geschiedenis Zwijndrecht
Algemeen
Geschreven geschiedenis bedijking
Wapen en vlag
naam
Bedrijvigheden
Glasfabricage
Guanofabriek
Howard & Co
Jurgens & v/d Berg
Scheepswerf Kooiman
tuinderijen
Veiling
zoutbereiding
Zoutketen
Bijzondere perioden
bezettingsjaren
St. Elisabethsvloed
Doleantie
Bezettingsjaren
Watersnood 1953
Kanaal om Zwijndrecht
Dijkverhoging
Aanleg tunnel
Zwijndrechtse Nieuwlichters
Burgemeesters
Heerlijkheid Meerdervoort
Kasteel Develstein
Klooster Eemstein
Kunst
Anton Verhoeven
Willy Sluiter
Clement Bezemer
Lucien den Arend
Beeldenpark
Beeldenroute
Monumenten
Kijfhoekkerk
Oude kerk
Lindtse kerk
Pietermankerk
Raadhuis
Rotterdamseweg 38
Watertoren
Verdwenen monumenten
Boerderij Kerkstraat
Huis Nederhoven
Huis Walburg
Molens
Raadhuis Veerplein
Stadsgalg
Veerhuis
Verkeer en vervoer
Rijksweg
Spoor
Spoorbrug
RTM
Veer
Voormalige gemeenten
Meerdervoort
Heer Oudelands Ambacht
Kijfhoek
Groote Lindt
Kleine Lindt
Heerjansdam
Historische Vereniging
Lidmaatschap
Interesseavonden
Periodiek
Schenkingen
Uitgaven (boeken) (zelfde als bij Museum) Fotoarchief
Collectie Van Dam
Overige
| |
Veerhuis

Veerplein 10 (Het Oude Veerhuis)
Het pand Veerplein 10, in het kader van het behoud van de oude panden langs de
Rotterdamseweg en aan het Veerplein, in 1996 gesloopt op de gevel na, was
historisch gezien een merkwaardig bouwsel. Niet van oorsprong, maar door de loop
der eeuwen geworden tengevolge van diverse verbouwingen. Dit blijkt het
duidelijkst uit de vondst van vier beganegrondvloeren die over elkaar zijn
aangebracht. Ook de wirwar van opgegraven fundatieconstructies duidt op
levendige bouwactiviteiten in het verleden.
Nader onderzoek wijst uit dat we hier te maken hebben met één van de oudste
zwijndrechtse panden, en waarschijnlijk het oudste pand van het Veerplein. De
afbraak van het pand om het te behouden voor het nageslacht (??) blijkt dus een
historische misser…
Wanneer we kijken naar de recente geschiedenis, dan zien we dat het pand rond de
eeuwwisseling naar de twintigste eeuw het woonhuis van was notaris Sluiter,
vader van de kunstschilder Willy
Sluiter. Later werd het voorste gedeelte wachtlokaal voor mensen die met het
veer naar Dordrecht voeren. Vanuit het linkerraam werden kaartjes verkocht. In
de jaren zestig werd het huis gebruikt als opslag voor drukkerij Het Witte
Paard,, dat gevestigd was in het voormalige gelijknamige hotel.
Eind jaren zeventig kocht de keramiste To Kuyper het
pand van de gemeente en vestigde er haar atelier in.
Maar er is meer en dat “meer” is verrassend. De geschiedenis gaat terug tot diep
in de Middeleeuwen.
voorgevel
De huidige voorgevel is voor de buitenstaander wel het meest kenmerkende van het
pand en is alleen daarom voor het straatbeeld behouden. Door de statige gevel
lijkt het achterliggende gebouw groter dan het is. De gevel bestaat uit een
witgeschilderde geblokte stuclaag. Deze gestucte gevels zijn tekenend voor de
tweede helft van de achttiende eeuw. Ze werden vaak aangebracht over het
verouderde metselwerk heen. Met een eenvoudige ingreep zag een gevel er zodoende
weer modern uit of werd een bouwkundige aanpassing uit het zicht gewerkt. Zo
ontstaat de in ons land beruchte “schortjesarchitectuur”. Dit schortje had
echter ook een praktische reden. De door de tijd bros en poreus geworden voegen
en stenen werden zo afgedekt om vochtdoorslag te voorkomen. Twee vliegen in een
klap dus.
Het grote raam links naast de voordeur is weer later aangebracht dan de
stuclaag. In de blokvormen (hanenkammen) van de stuclaag erboven is te zien dat
op die plaats twee smalle ramen hebben gezeten. Het grote raam is aangebracht
omstreeks 1909 om de voorkamer te veranderen in een winkel en te voorzien van
licht en ruimtelijkheid. Deze winkel is vervolgens in 1929 veranderd in
wachtruimte voor het veer naar Dordrecht. Tegelijk met dien verbouwing is het
pand ook nog eens gesplitst in twee woningen.
dak aan de straatzijde
De zeer flauwe helling (ongeveer 25%) van het dak aan de straatzijde was
opvallend. Op zolder was tezien dat het dak oorspronkelijk veel steiler heeft
gelopen. De spongen en verkleuringen aan de binnenzijde van de zijgevels
verrieden dit. De goot aan de straatzijde liep vroeger ongeveer twee meter
lager, dus ter hoogte van het midden van de huidige verdiepingsramen. Waarom is
dit gebeurd? Waarschijnlijk is het pand ouder dan de panden ernaast. De
buurpanden werden op een later tijdstip hoger gebouwd en, om niet uit de toon te
vallen, is de gevel simpelweg verhoogd en het dak opgelicht. Dat gaf gelijk wat
ruimtewinst en het pand oogde daardoor nog imposanter.
steeg
Aan de linkerzijde van het hoofdgedeelte van de voorgevel is een typische sprong
naar binnenste zien. Dit gedeelte van de gevel loopt enigszins schuin om aan te
sluiten op het naastgelegen pand (voorheen Galerie den Arend, daarvoor groenten-
en fruithandel Bezemer). Op de begane grond achter dit gedeelte kwam in 1929 het
bureau met loket voor de kaartverkoop van het veer. Aan de gehele constructie
van deze typische sprong is af te leiden dat dit gedeelte een oorspronkelijke
smalle steeg afsluit die liep tussen nr. 8 en nr. 10.
oude fundatie
De voorgevel verhult nog meer. Ongeveer twee meter er achter is een fundatie
gevonden van een nog oudere gevel. Merkwaardig bij deze fundatie is dat er in
het midden van deze gevel weer fundaties ontdekt zijn van een schoorsteen. Deze
schoorsteen zou in het midden van de gevel aan de buitenzijde opgemetseld zijn.
Een schoorsteen van dit formaat bij een voorgevel is opmerkelijk. Het is zeer
waarschijnlijk dat dit een achtergevel is geweest. Mogelijk een achtergevel met
een tuitvorm. Was wat nu de voorzijde van het pand is, vroeger de achtergevel?
dakvorm
Kijken we daarom eens nauwkeuriger naar de dakvorm. De voorgevel had een dak met
een noklijn die evenwijdig liep aan de straat. Het achterste gedeelte van het
pand had een noklijn die daar weer haaks op stond. Heeft de daklijn, van het
achterste gedeelte, doorgelopen naar de oudere “voorgevel met schoorsteen”?
Waarschijnlijk wel. Er waren diverse zaken die daar op duidden. Allereerst de
merkwaardige constructieve verbinding tussen de twee dakvormen. Hierbij was
duidelijk “gekunstelde” verbinding gemaakt. Het dakbeschot van het oude dak was
daarbij duidelijk provisorisch afgezaagd. Het belangrijkste bewijs was echter de
langwerpige hoofdconstructie (buitengevels) van het pand. Een dergelijke vorm
duidt op een noklijn die evenwijdig loopt met de lengte (diepte) van het pand.
Het is dus zeer waarschijnlijk dat de voorzijde van het pand oorspronkelijk aan
de andere kant lag.
achtergevel
Uit verder onderzoek naar de dakconstructie blijkt, dat de huidige achtergevel
ook verschillende malen is veranderd. Ook deze gevel had oorspronkelijk een
tuit- (trap- of ander type)gevel gehad. Bij een verbouwing is deze punt
afgesnuikt en een zogenaamd Wolfseind gemaakt. Mogelijk ook aangepast aan de
heersende mode of om een vochtdoorslaande tuitgevel te vervangen. Aan de
achtergevel was te zien dat daar diverse ramen of deuren in hebben gezeten.
Ramen zijn vergroot en aangepast.
constructies
Ook in het pand zelf was te zien dat hier ettelijke keren is aangepast aan de
wensen van de eigenaars. Nadat betimmeringen, betengelingen en plafonds waren
gesloopt, werd dit nog duidelijker. Er zijn in de geschiedenis van het pand
diverse uitbreidingen gerealiseerd voor diverse klompenhokken en bergingen.
Iedere bewoner liet er zijn eigen sporen in achter. In de grond of op de muren.
Sommige mensen lieten zelfs letterlijk historische “graffiti” achter…
datering
datering van het oorspronkelijke pand is moeilijk vanuit bouwkundig oogpunt vast
te stellen. De gele stenen in “IJselformaat” voor de huidige gevel duiden op de
zeventiende eeuw. Waarschijnlijk is, dat op de plaats van het huidige pand
diverse bouwsels hebben gestaan waarvan de geschiedenis tot diep in de
middeleeuwen terugvoert. De fundaties ervan lopen in zo’n wirwar door elkaar –
er zijn steensoorten door elkaar ge- en hergebruikt, dat daaruit verder niets te
herleiden is.
conclusies
Zijn er vanuit bouwkundig oogpunt conclusies te trekken? Het is duidelijk dat
het pand oorspronkelijk vrij heeft gestaan van andere bebouwing. Het was daarom
een van de oudste panden van het Veerplein. De achtergevel was oorspronkelijk
voorgevel. Dat wordt het sterkst bevestigd door de reeds omschreven fundatie
achter de bestaande voorgevel met de uitpandige schoorsteen. Mogelijk is het
pand van oorsprong gericht op de nu gedempte “Schuitenwal met haven”. Nog verder
terug in de tijd lag op deze plek mogelijk de “Veerweg” naar Dordrecht, hoewel
speculatief toch zeer waarschijnlijk: wanneer de Rotterdamseweg in rechte lijn
wordt doorgetrokken, komt hij inderdaad door de achtertuin van het huidige pand.
De bocht die de huidige route maakt van de Rotterdamseweg naar het Veerplein is
in dit verband op zijn minst merkwaardig, maar te verklaren uit het feit dat het
Veerplein gedurende de achttiende en negentiende eeuw een heel andere, veel
belangrijkere functie kreeg.
|